Ghent, Adieu!
Het zit er definitief op. Deze week trok ik de deur van mijn kot in Gent dicht. Meteen een sleutel op zes jaar studentenlief en -leed. Wat waren het zes bewogen jaren vol boeiende momenten, te gekke feestjes, ontgoochelingen, verlies, euforie, geborgenheid, liefde, rode wijn bij de aanschijn van het krieken van de dag. De reuk van sigaren tijdens de examens, een kotgenoot met leeuwensluffers, een WC waar het steeds rustig voetbalmagazines lezen was. Er zijn zoveel zaken die me met deze plek van 24 vierkante meter deden vergroeien. Gedurende de jaren maak je van een ruimte natuurlijk ook iets persoonlijks. Toeristen van mijn kot is het ongetwijfeld opgevallen dat ik zes jaar een gedicht op mijn raam had staan. Al die jaren stond ik erop dat mijn ramen nooit gelapt zouden worden, hetgeen nogal eens de oorzaak was van astmatische duiven in de omgeving van mijn vensterbank. De vergankelijkheid van de tekst was pijnlijk merkbaar toen mijn moeder met mijn zegen het deze week van de ramen boende. Uit dankbaarheid voor mijn uitzicht post ik hier graag de tekst van mijn raamgedicht. Vergankelijkheid en digitale bytes gaan immers hand in hand. De deur in Gent is dicht, de sleutel afgegeven. Rest ons nog de schoonheid van de herinnering. Het woord, de klank, de kracht, de liefde en natuurlijk…Gent.

En ik had het je nog zo gezegd
Dat al wat men zegt
Behoort tot de snert
En ik had het je nog zo geformuleerd
Dat conversatie reguleert
Maar schrijf en aanschouw
Een wereld vol magie
Open je hart en laat me iets beters zien
Ik lees,zwijg en geniet
Want ik had de kans om
Te zien, te ruiken, lief te hebben…
En nimmer te vergeten.

