Archive for februari 2008

Pers: Johan Persyn wordt woordvoerder Hogeschool Gent

with one comment

johanpersyn2547.jpgGENT De Hogeschool Gent heeft vanaf volgende week een nieuwe woordvoerder: voormalig televisiegezicht Johan Persyn wordt er diensthoofd Communicatie en Cultuur.
‘We hadden een vacature voor die functie’, zegt directeur Bert Hoogewijs van de Hogeschool Gent. ‘Bovendien mogen wij als hogeschool onze werking best wat beter bekendmaken bij het grote publiek. Hoewel we veruit de grootste hogeschool zijn – en na de UGent en de KU Leuven zelfs de derde grootste onderwijsinstelling van Vlaanderen – is onze naam bij heel wat mensen onvoldoende bekend. Ze verwarren ons bijvoorbeeld met de Arteveldehogeschool.’ Johan Persyn, die zijn carrière begon als journalist en presentator bij de VRT, werkte eerder ook als hoofdredacteur van de West-Vlaamse regionale zender WTV en bij radiozender 4FM. De voorbije jaren werkte hij als communicatiedeskundige voor de SP.A-fractie in het Vlaams Parlement. (tod)

(Bron: Het Nieuwsblad)

Written by korneelwarlop

februari 28, 2008 at 11:12 am

Geplaatst in Uncategorized

Die dag op stage…

with 4 comments

logosr.gifMijn stage voor de lerarenopleiding is inmiddels precies halverwege. Een hele reeks lesonderwerpen passeerden de revue: werkloosheid, protectitionisme en vrijhandel, HRM, de belastingstelsels van de overheid, de economische integratie van de EU… Boeiend? Ongetwijfeld! Vaak was het voor mezelf een aangenaam weerzien met de leerstof. Een herhaling van dingen waarvan men zich nu eigenlijk afvraagt waarom niet iedereen dat heeft gezien op school. (bv. een belastingbrief invullen). Natuurlijk blijven bepaalde zaken minder leuk om te onderwijzen dan andere maar tenslotte ben ik per definitie nog geen leerkracht en dus dien ik mij te schikken aan de organisatie van onze lerarenopleiding.

Onze stageperiode is aan een aantal parameters onderworpen. Zo moeten we zowel les geven in ASO als in TSO, moeten we zeker de vakken micro- en macroeconomie, bedrijfsbeheer, recht en boekhouden gegeven hebben, en zowel voor klassen in de tweede als derde graad gestaan hebben. Bovendien mogen we niet meer dan 3 lessen op een dag en 5 lessen op een week geven. U ziet het: best wel een strikte reglementering. Halfweg mijn stage zie ik echter steeds meer het nut van die regels in. Les geven in TSO is nu eenmaal anders dan in ASO; anders maar daarom niet minderwaardig. Integendeel. Leerlingen uit het TSO zijn vaak meer gemotiveerd én realistischer. Ze zijn uit één stuk en staan duidelijk met beide voeten in het leven. Een way of life die ik au fond wel kan appreciëren. De platte praat en schunnigheden neem je er dan wel met de glimlach bij.

Het is zeker ook markant te noemen dat je een klasgroep zo goed kan ontleden. Overal heb je wel iemand met een grote bek, een grapjas, iemand die gepest wordt, schone domme meisjes, een zoon van een landbouwer… En vaak is het dan ook maar even aanvoelen om te weten welk vlees je als leerkracht in de kuip hebt. Een interessante oefening!

Zoals ik het nu bekijk, is leerkracht zijn een enorm nobel beroep. Je draagt immers kennis en vaardigheden over aan een jongere generatie die op die manier zich (naar eigen godvrucht en vermogen) kan ontwikkelen in onze maatschappij. Akkoord er kruipt veel werk in voorbereidingen en extra taken alleen heb ik toch vaak het gevoel dat men nogal graag klaagt. Ik zou velen nog eens graag in de privé zien werken… Neen, leerkracht moet een fantastisch beroep zijn alleen zou ik er momenteel niet in kunnen aarden. Maar, zo drukt men mij op het hart: zeg nooit nooit!

Written by korneelwarlop

februari 26, 2008 at 8:17 pm

Geplaatst in Uncategorized

Pers: Een scheet in een netzak

leave a comment »

Het federale parlement kijkt al een jaar werkloos toe. De maatschappelijke devaluatie van het parlementslid zet zich onverminderd voort.

‘Ik vind dat heel wat politieke journalisten vandaag zowel intellectueel als inzake politieke feeling op een hoger niveau staan dan vele politici.’ De uitspraak van Hugo De Ridder, deze week in Humo, kan tellen. De gelauwerde Wetstraat-journalist ergert zich dood aan het gebrek aan daadkracht bij de jongste garde van politici. Die laat zich tegenwoordig alles welgevallen. Op geen enkel moment schreeuwen ze hun ergernis over de woekerende politieke impasse uit.

‘De minimis non curat praetor,’ vertelde minister van Sociale Zaken Laurette Onkelinx (PS) afgelopen donderdag tijdens de plenaire zitting van de Kamer. Wie tegenwoordig in het federale parlement rondloopt, raakt overtuigd van het tegendeel. Enkel kleine probleempjes houden parlementsleden tegenwoordig bezig. Allen putten ze inspiratie uit de waan van de dag, gevoed door de nodige krantenartikels. Op geen enkel ogenblik wordt de kern van de zaak aangekaart.

Een blik op de parlementaire agenda van de afgelopen week verwekt enkel verbazing. Tegenwoordig presteren de vertegenwoordigers van het volk niet beter dan het navertellen van hun dagdagelijkse lectuur. Ministers verliezen hun tijd met het beantwoorden van ellenlange lijsten van vragen. Discussies over fundamentele keuzes in de samenleving zijn voltooid verleden tijd. Alleen Vlaams Belang doet nog de moeite om af en toe eens een interpellatie – waarbij het vertrouwen in een minister op het spel staat – in elkaar te boksen. Andere partijen wentelen zich in lethargie.

Het aantal wetsvoorstellen dat de eindmeet haalt, is op één hand te tellen. Regeringsontwerpen zijn er helemaal niet. Als het goed zit, krijgen de parlementsleden op 20 maart de sociaaleconomische begroting voor 2008 voor de kiezen. Bijna een jaar na haar installatie kan de Kamer vervolgens eindelijk een van haar kerntaken opnemen: het bespreken en goedkeuren van de begroting van een land.

Er bestaat geen enkel wervelend bedrijf ter wereld waar ambitieuze nieuwkomers gedurende een jaar gewoon hun mond houden. In de Belgische Kamer lijkt dat de normaalste zaak. Iedere week vergast het VRT-programma Villa politica ons op een blik op het mierengeneuk. De kamerleden glimmen als ze gedurende dertig seconden op kosten van de belastingbetaler de huiskamer worden ingeblazen. Maar hun woorden zijn niet meer dan scheten in een netzak.

Natuurlijk leven we in buitengewone tijden. Pas na 200 dagen slaagde Guy Verhofstadt (Open VLD) er eind december in om een interim-regering op de been te brengen. Het blijft wachten op Pasen vooraleer een definitief kabinet onder leiding van Yves Leterme (CD&V) aan de slag kan. Maar op geen enkel moment vonden parlementsleden het nodig om zich te roeren. Nooit gaven ze het signaal dat de regeringsonderhandelingen dringend resultaten moesten opleveren. Voor hen is het business as usual.

Het parlement moet wetten maken en de regering controleren. Wetten maken kunnen parlementsleden als de beste. Pleidooien om eindelijk die wettendiarree te stoppen, halen niets uit. Voortdurend ontwaren de volksvertegenwoordigers gevaren in allerlei, soms onschuldige, maatschappelijke trends. Die bezorgdheid moet dan meteen worden omgezet in verbodsmaatregelen.

Maar het controleren van de uitvoerende macht is wat te veel gevraagd. Dat lijkt te delicaat. Iedereen wil minister worden, iedereen wil deel uitmaken van het systeem. En dan tilt niemand aan het uitlekken van een nota waarin een advocaat, tevens getrouwd met een PS-minister, etaleert dat hij goed geïntroduceerd is in ministeriële kabinetten. Alweer neemt alleen Vlaams Belang zijn verantwoordelijkheid door de oprichting van een parlementaire onderzoekscommissie te eisen. De andere partijen kijken gegeneerd de andere kant uit. Nauwelijks acht maanden geleden voerde de N-VA campagne tegen de greep van de PS op de Belgische samenleving. Haar stilzwijgen verraadt een schrijnende medeplichtigheid.

Uiteindelijk delft het parlement het eigen graf. Mensen met wat talent worden vroeg of laat geroepen tot het ministerschap. Intelligente politici die het spel niet willen meespelen, geven er vervroegd de brui aan of vervallen in een onderhoudend cynisme. Het kransje politici dat echt gegeerd wordt door praatprogramma’s op televisie slinkt zienderogen. Eindredacteurs zitten met de handen in het haar omdat de politiek steeds minder karakters oplevert die televisiekijkers kunnen boeien. De backbenchers maken hun tijd vol en klagen over de onrechtvaardige en grillige kiezers die slechts hun carrière bemoeilijken.

Koning, parlement en gerecht vormen de hoekstenen van de Belgische staat. Het doorbreken van het colloque singulier verzinnebeeldde de jongste weken de verdampende autoriteit van de koning. Albert was slechts de speelbal van oranje-blauwe partijleiders. Het parlement gaat helemaal dezelfde weg op.

Blijft het gerecht over. Een burger mag dan niet te lang stilstaan bij de rechter die de afgelopen week de smogborden, die de snelheid beperken tot 90 kilometer per uur, buiten de wet plaatste. Wie gaat slapen met het idee dat alle rechters van dat slag zijn, doet geen oog meer dicht.

Bart Brinckman

(Bron: De Standaard)

Written by korneelwarlop

februari 24, 2008 at 4:56 pm

Geplaatst in Uncategorized

GAST op het world wide web

with one comment

logo_gast.jpgDe Gentse Associatie Studentenraad verzet andermaal haar bureaucratische bakens! Jawel, sinds kort beschikken we over een poepsimpele, informatieve en overzichtelijke wupzak. Neem de proef op de som en maak even tijd voor de link die uw studentenleven zal veranderen:

WWW.GAST.AC

Aarzel niet en plaats deze link bij uw favorieten. Binnenkort komen er ongetwijfeld nog meer leutige foto’s bij…

Written by korneelwarlop

februari 23, 2008 at 8:15 pm

Geplaatst in Uncategorized

Beha-info: Mijn leven naast een margi

with one comment

Handelswetenschappen ligt hem blijkbaar; getuige de opeenstapeling van successen in eerste zittijd, maar de vraag wat hij later wil worden, beantwoordt hij door zuchtend de schouders op te halen en te prevelen: “Dat weet ik niet, echt niet. Wat ik wel weet is wat ik nu ben, en dat is een student in Gent. Ik ga doen wat echte studenten moeten doen en dat is feesten, feesten als de beesten…”

De jas werd dicht geritst, de Marokkaanse muts op de kruin geschikt, de tanden gepoetst, het geld losjes in de pocket gelanceerd  en… weg was hij. Klaar om te gaan flitsen in de Overpoort. Sindsdien herhaalt dat ritueel zich iedere dag en besef ik: mijn kotgenoot is een margi. Deze rubriek wordt een bloemlezing van mijn belevenissen naast een marginaal.

Er zijn zo van die kenmerken die mensen typeren maar die op zich eigenlijk te klein zijn om een heel verhaal rond te vertellen. Een overzichtje:

  • Op een avond stond er nogal veel volk bij vaste frietboer Julien (de margi prefereert eigenlijk Peter. Stefan, Sammy voor de vrienden, is nogal een “kwistige strooier” met zijn viagra. Maar dit natuurlijk volledig ter zijde). Omdat de margi geen zin had om veel tijd te verliezen aan eten -er moest immers nog gepilst worden- besloot hij dan maar voor één keer naar dikke Luk van het Geel Kot te gaan, je weet wel: die container op het Kramersplein. Er stond eveneens een rij wachtenden en onze margi wachtte achter twee meisjes zijn beurt af:

Meisje 1: Amai, dat duurt hier lang.

Meisje 2: Ja, hij is echt wel traag…

Margi: Jullie noemen hem traag, ik noem hem vet. 

  • Traditiegetrouw zijn er in de maand oktober steevast feesten in het vroegere socialistische bolwerk de Vooruit. Zo ook die avond. De muziek ging hard, het bier vloeide rijkelijk en duizenden hersencellen werden op een professionele manier ‘gedood door den alcohol’. Kortom; het was een productieve avond geweest voor de margi. Al nagenietend stond hij te urineren aan de uitgang van de zaal toen plots een niets vermoedend meisje hem benaderde om iets te vragen. Vriendelijk als onze margi is, draaide hij zich om haar van antwoord te dienen alleen… was hij niet gestopt met wateren. Toen ik hem de volgende dag vroeg wat hij de afgelopen nacht gedaan had, antwoordde hij zonder verpinken: “een meisje ondergepist”.
  • Het was drie uur in de namiddag. Zoals steeds was uw dienaar aan het werken als een paard. (voor school natuurlijk, wat had je gedacht) Plots werd er geklopt op de deur. Het was de margi die net wakker geworden was. “Ponk, shit man, kijk eens naar mijn handen”, zei hij tegen me. Zwart. Pikzwart. “Van wat zou dat zijn? Ik krijg het er precies niet gemakkelijk af” Bedenkelijk ging hij terug naar zijn kot om wat vrienden te bellen in de hoop wat meer informatie te kunnen achterhalen. Een half uurtje later kwam hij al lachend binnen. “Weet je wat ik gedaan heb?”, en hij ging voor mijn TV zitten. “Neen”, zei ik. Hij begon andermaal te lachen. “Wel, je kent wel zo’n rooster die boven een rioolput ligt…”, hij moest even bekomen van het lachen en vervolgde, “ik heb dat opgeheffen, boven mijn hoofd gehouden en dan wat rioolinhoud met mijn handen opgeschept en naar mijn omstaanders gesmeten.” Ik zag hoe hij zich zichtbaar verkneukelde in zijn eigen avonturen. Hilarisch. Ik werkte nog even door en toen ik me omdraaide om te kijken waar hij mee bezig was zag ik in zijn ene hand een zak chips en zijn andere hand in zijn broek. Hij keek op en zei: “Wuk peis je…pintje?”

Written by korneelwarlop

februari 23, 2008 at 3:24 pm

Geplaatst in Uncategorized

Gepamperd

leave a comment »

Saai. Dat is het minste wat je van Torhout kan zeggen. Buiten die paar margi’s die rond 23u goedkoop Duits bier komen kopen in de reeds sluitende “nachtwinkel”, die recht tegenover mijn tijdelijke verblijfplaats ligt, valt hier weinig te beleven. De straten zijn dood. Uit een vergeten café op de hoek van de volgeparkeerde markt weerklinkt een slepende schlager. De vaste randdebielen waren weer op post. Zoals elke dag gaat ook deze dag in Torhout voorbij zoals het overgrote deel van haar bevolking eruitziet: weinig dynamisch.

Torhout. Mijn geboortedorp (geef toe: stad is toch fel overdreven). Is dit de achtergrond waar ik in opgroeide? Was het hier dat ik zo gelukkig was? Mijn dagen vulde? Plots lijkt het me wel straf dat ik het zo moeilijk had om destijds Torhout in te wisselen voor Gent. Nu is het het tegenovergestelde. Gelukkig evolueert een mens…hetgeen je van Torhout alvast niet kan zeggen… of het zou in de negatieve zin moeten zijn. Elke dag eindigt dan ook met de bedenking: “nog XXX aantal dagen en dan ben ik terug in La Gantoise”.

Is het dan al kommer en kwel in Toeroet? Natuurlijk niet! Er zijn gelukkig nog zaken die je hier vindt die toch een bepaalde eigenheid hebben of oproepen naar vervlogen herinneringen: Lopen in Groenhovebos, échte aardappelen gaan halen bij Odiel (de gepensioneerde boer die overuren klopt), badmintonnen met de ouders van mijn vrienden, de opvallende varkenslucht in de ochtend bij het openen van je raam, elke dag warm eten, markt op woensdag, dorpsgekken tegen het lijf lopen, de liedjes van de beiaard, les geven aan reeds opgegroeide kinderen van kennissen… 

In dit mijmerend kreupelbos van schoonheid in eenvoud. In deze gewaardeerde stad van simpele zielen. In deze stad met haar visie als een gehucht. In dit dorp kreeg ik zonet een professionele voetverzorging, krijg ik elke dag lekker eten, word ik herinnerd aan mijn overvloedig gebruik van elektriciteit en toiletpapier… Niet de stad of haar inwoners zijn confronterend maar wel de persoon die je geworden bent en ergens ook niet. Mijn heimat wordt niet gemist, het losscheuren van je roots tevergeefs.  

Written by korneelwarlop

februari 20, 2008 at 4:20 pm

Geplaatst in Uncategorized

Het schoolse leven

with 5 comments

Torhout ligt wat rustig te soezen in de zon. Het is koud en mijn tenen zijn al afgevroren nog voor ik de schoolpoort bereikt heb. Het school ligt op een overpoort afstand van mijn tijdelijke verblijfplaats: de veilige maar compromiterende vleugels van mijn moeder.  De schoolbel gaat en de zenuwen gieren door mijn keel. Straks is het zover: les geven. Nooit gedacht dat ik dat nog ooit in mijn leven zou doen. Zo zie je maar. Een paar jaar geleden zat ik nog op de schoolbanken te zuchten toen er weer zo’n stagiair op bezoek was en nu sta ik daar zelf. Plots voel ik mijn zo’n bedrieger t.o.v. mijn jeugdige ik. Had ik immers niet gezworen om nooit nog iets met stagiairs te maken te hebben?!

Enfin, ondertussen zijn mijn allereerste lessen als “leerkracht” achter de rug. Nog 14 te gaan! Het is best wel een boeiende maar wel heel belastende ervaring. Het valt echt niet te onderschatten hoeveel voorbereiding één zo’n lesje van amper 50 minuutjes vergt. Zoveel werk voor een ervaring die zó voorbij is. Zo lang die uren als leerling duren, zo kort zijn die minuten als leerkracht. Vreemd.

Misschien is het allemaal wel wat veel aan het worden: én een masterproef schrijven, én taken voor twee vakken tot een goed einde brengen, én een kleine maand stages geven, én daarvoor de nodige lessen voorbereiden, én nog eens extra taken maken voor die lerarenopleiding, én…ohja, ik ben nog een actieve stuver: én de HGSR, GAST, VVS en de departementsraad opvolgen. Bovendien wil ik méér: dus wil ik én frequent sporten én geregeld een stapje gaan zetten, én er even tussenuit én naar de bioscoop… Hoe zou die kleine, 17-jarige, Warlop dat aangepakt hebben?! Ah, het schoolse leven…daar lag men over zoiets niet wakker. Het enige wat ik me toen afvroeg was: wanneer gaat de bel?!

Written by korneelwarlop

februari 18, 2008 at 3:28 pm

Geplaatst in Uncategorized